David Hockney, een van de invloedrijkste Britse kunstenaars van de afgelopen decennia, is op 11 juni 2026 op 88‑jarige leeftijd overleden. Hij werd wereldwijd geroemd om zijn kleurrijke schilderijen, zijn vernieuwende blik op waarneming en zijn onuitputtelijke drang om te blijven experimenteren — van olieverf tot iPad‑tekeningen.
Voor de regenbooggemeenschap had Hockney nóg een betekenis: hij was een van de eerste internationaal zichtbare kunstenaars die openlijk homoseksueel was en dit zonder schroom in zijn werk liet terugkomen. In een tijd waarin homoseksualiteit in het Verenigd Koninkrijk nog strafbaar was, schilderde hij liefde tussen mannen met een vanzelfsprekendheid die destijds ongekend was. Zijn zwembadscènes, portretten en dubbelportretten toonden queer intimiteit zonder verstoppen of verontschuldigen — en werden daarmee iconisch.
Hockney groeide uit tot een levende legende binnen de popart en de moderne kunst. Zijn werk werd tentoongesteld in musea over de hele wereld, waaronder de Tate Modern en het Van Gogh Museum. Zijn schilderij Portrait of an Artist (Pool with Two Figures) werd in 2018 het duurste werk ooit verkocht van een levende kunstenaar.
Tot op hoge leeftijd bleef hij werken, onderzoeken en kijken — altijd nieuwsgierig, altijd vol kleur. Zijn nalatenschap is niet alleen artistiek, maar ook cultureel: Hockney liet zien dat zichtbaarheid kracht heeft, en dat kunst een vorm van vrijheid kan zijn.
Voor velen in de LHBTQIA+ gemeenschap was hij een voorbeeld: iemand die zichzelf bleef, ook toen dat nog moed vergde.
📸 Foto uitgelicht: David Hockney (2017) Fotograaf: Eva Roefs Bron: Wikimedia Commons Licentie: Creative Commons CC‑BY‑SA 4.0


















